skip to Main Content

18.04 Uitspraak

Juridische samenvatting geschil 18.04

Het geschil is ingediend door mentor van cliënt en richt zich op de omgang van eigenaren van zorgaanbieder met mentor waardoor de belangen van cliënt in het geding zijn. Alleen de geschilonderdelen die betrekking hebben op de vraag of verzoekster als mentor ten onrechte niet bij (beslissingen in) de zorg voor cliënt is betrokken door verweerders zijn ontvankelijk verklaard (artikel 21 lid 2 Wkkgz). Verschillende geschilonderdelen zijn gegrond verklaard. Verweerders vervulden een vertrouwelijke rol naar cliënt en voerden vertrouwelijke gesprekken zonder hierover te rapporteren. Medewerkers werden hierdoor onvoldoende geïnformeerd. Daarnaast namen verweerders op eigen initiatief beslissingen in de zorg die zij beter achtten voor cliënt, daar zij van mening waren dat mentor cliënt onvoldoende in de vervulling van de taak als mentor betrok. Verweerders beïnvloedden hun medewerkers waar het zorginhoudelijke zaken betrof welke buiten de grenzen van hun functie lagen en zij voeren binnen de organisatie een eigen koers die niet altijd strookte met hetgeen was afgesproken dan wel bevorderlijk was voor de begeleiding van cliënt. Zij belemmerden onder meer het vaststellen van het begeleidingsplan van cliënt en de netwerkgesprekken, zij hielden zich niet aan de afspraken met betrekking tot het niet voeren van een-op-een gesprekken met cliënt en informeerden mentor niet vooraf over het advies over juridische bijstand aan cliënt. Verweerders handelden vanuit een visie van veiligheid en vertrouwen, doch deze overtuiging doet voor de commissie niet af aan de verantwoordelijkheid van verweerders gehouden te zijn aan de tussen verzoekster en zorgaanbieder overeengekomen afspraken en aan de grenzen van hun functie bij zorgaanbieder. Een dergelijke visie dient naar het oordeel van de commissie de professionaliteit binnen een organisatie te versterken en niet te belemmeren. De commissie is van oordeel dat verweerders buiten de bevoegdheden traden die zij formeel binnen de organisatie hadden en dat verzoekster hiermee door verweerders onvoldoende de gelegenheid is gegeven tot beslissingen in de zorg van cliënt bij zorgaanbieder. Verzoekster is hiermee in haar belangen als mentor geschaad.

Lekensamenvatting website geschil 18.04

Het geschil is ingediend door de mentor (‘verzoekster’) van een cliënt die in een woonvorm woont. De verzoekster vond dat zij de belangen van de cliënt niet goed meer kon behartigen door de manier waarop de eigenaren (‘verweerders’) van de woonvorm met de verzoekster omgingen. Het geschil bestond uit verschillende onderdelen. De commissie heeft alleen de geschilonderdelen ontvankelijk verklaard die te maken hadden met het ten onrechte niet betrekken van de mentor bij (beslissingen in) de zorg voor de cliënt door de verweerders (artikel 21 lid 2 Wkkgz). Verschillende geschilonderdelen daarvan zijn gegrond verklaard.
De verweerders voerden vertrouwelijke gesprekken met de cliënt, zonder hierover binnen de organisatie te rapporteren. De medewerkers in de organisatie werden hierdoor niet goed geïnformeerd. De verweerders namen daarnaast zelf beslissingen in de zorg, die zij beter vonden voor de cliënt. Zij vonden dat de verzoekster de cliënt niet goed bij haar taak als mentor betrok. De verweerders beïnvloedden hun medewerkers in zaken die buiten de grenzen van hun functie lagen. Zij volgden binnen de organisatie een eigen koers, die niet altijd overeenkwam met wat was afgesproken of goed was voor de begeleiding van de cliënt. De verweerders wilden werken vanuit een visie van veiligheid en vertrouwen.
Volgens de commissie moet een visie van veiligheid en vertrouwen de professionaliteit binnen een organisatie echter versterken en niet belemmeren. Verweerders waren met deze visie nog steeds verantwoordelijk om de afspraken tussen de verzoekster en de organisatie na te komen. Verweerders moeten zich aan de grenzen van hun functie in de organisatie houden. De commissie heeft geoordeeld dat de verzoekster niet goed de gelegenheid heeft gehad om beslissingen te nemen over de zorg van de cliënt bij de organisatie. De verzoekster is hierdoor in haar belangen als mentor geschaad.

Back To Top