skip to Main Content

Organisatie zorg

  • Vaststellen van duidelijke functieomschrijvingen, waarin bevoegdheden en grenzen zijn vermeld. Zie: 18.04.
  • Monitoren dat functieomschrijvingen worden nageleefd en niemand (inclusief de eigenaren van de zorginstelling) een uitzonderingspositie inneemt. Zie: 18.04.
  • Vooraf vaststellen van objectieve maatstaven voor toeleiding van een cliënt naar een begeleider. Zie: 18.03.

Aanvang zorg/intake

  • Aan het begin van het hulpverleningstraject expliciet informeren of sprake is van wettelijke vertegenwoordiging. Zie: 20.01.
  • Vooraf vaststellen van objectieve maatstaven voor toeleiding van een cliënt naar een begeleider. Zie: 18.03. 

Zorgverlening

  • De zorgbehoefte monitoren en maatregelen treffen als de verleende zorg niet (langer) aan zorgbehoefte voldoet. Zie: 19.01.
  • (De voortgang van) de begeleiding tijdig en regelmatig toetsen en evalueren. Zie: 18.03. 

Zorgdossier/rapportages

  • Bijhouden van volledige zorgdossiers, inclusief rapportages van intake-, begeleidings- en evaluatiegesprekken. Zie: 18.03.
  • Rapporteren van (een-op-een)gesprekken met cliënten. Zie: 18.04. 

Beëindiging zorg

  • Bij beëindiging van de zorg cliënt voldoende tijd geven om een nieuwe zorgaanbieder te vinden. Zie: 19.01.

Communicatie

  • Communiceren over communicatie: afspraken over communicatie niet eenzijdig en zonder overleg wijzigen. Zie: 20.04.
  • Zorgvuldig en duidelijk communiceren. Zie: 20.02.
  • Professionele communicatieve vaardigheden zodanig gebruiken dat zij aansluiten bij cliënt, zodat cliënt begrijpt wat er gezegd en bedoeld wordt. Zie: 20.01
  • Voldoende inlevingsvermogen tonen. Zie: 20.02, 20.01.

Professionaliteit/overig

  • Zakelijk omgaan met kritiek en problemen. Kritiek niet persoonlijk opvatten, maar zien als feedback die kan worden gebruikt om eigen zorgdienstverlening te ontwikkelen en te verbeteren. Zie: 20.04.
  • Openstaan voor de (professionele) mening van anderen, zoals andere medewerkers van zorgaanbieder. Zie: 20.01.
  • Onthouden van eigenaren van het beïnvloeden van de medewerkers waar het zorginhoudelijke zaken betreft en aangelegenheden die buiten hun bevoegdheden liggen. Zie: 18.04.
  • In conflicten het belang van cliënt laten prevaleren boven het behalen van eigen gelijk. Zie: 18.04.
  • Conform professionele afstand een voldoende zakelijke houding tonen aan patiënten en een betrokken houding zodanig uitdragen dat dit geen onjuiste verwachtingen kan creëren bij patiënten. Zie: 19.03

Klachten- en geschillenregeling

  • Indien een zelfstandig zorgverlener zich verbindt aan een zorgaanbieder rust op hem de verplichting zich ervan te vergewissen dat de zorgaanbieder een heldere klachtenregeling heeft en dat het voor cliënten duidelijk is waar zij met een klacht terecht kunnen. Zie: 19.03

 

Back To Top